De Schotse Kerk.....

Rotterdamse Kerken Index

DE SCHOTSE KERK


TEGENOVER HET GESPAARD GEBLEVEN GEBOUW VAN DE GEMEENTELIJKE Geneeskundige en Gezondheidsdienst aan de Schiedamsedijk (ingang Baan) stond de Schotse kerk. Deze mooie en typische kerk had haar voorgevel aan het Vasteland en grensde met haar zijgevel aan de Herderstraat. Zij werd in de jaren 1695 tot 1697 op stadskosten gebouwd volgens het plan van de stadsarchitect Claes Jeremiasz. Persoons, die ook de vroegere Oosterkerk aan de Hoogstraat had ontworpen.
Op 13 december 1695 legde de 3-jarige Andrew Kennedy, zoon van Sir Andrew Kennedy, resident van Schotland aan het Hollandse Hof en Lord Conservator van de Schotse privileges te Veere, de eerste steen. Zondag 20 oktober 1697 werd de kerk tijdens een morgendienst plechtig ingewijd door Ds. James Brown met een preek over Exodus 20 vers 24: " An altar of earth thou shalt make unto me, and shalt sacrifice thereon thy burnt offerings, and thy peace offerings, thy sheep and thine oxen; in all places where I record my name I will come unto thee, and I will bless thee".
Nieuwe vertaling van het NBG : "Een altaar van aarde zult gij voor Mij maken en daarop offeren uw brandoffers en uw vredeoffers, uw kleinvee en uw runderen. Op elke plaats waar Ik mijn naam doe gedenken zal Ik tot u komen en u zegenen".
Ds. Robert Fleming Jr. preekte in de middagdienst over Lukas 7 vers 8 : " For I also am a man set under authority, having under me soldiers, and I say unto one, Go, and he goeth; and to another, Come, and he cometh; and to my servant, Do this, and he doeth it".
Nieuwe vertaling van het NBG : " Want ik neem zelf een ondergeschikte plaats in met soldaten onder mij, en ik zeg tot den een: Ga heen, en hij gaat heen, en tot een ander: Kom, en hij komt, en tot mijn slaaf' Doe dit, en hij doet het".


TYPISCH UITERLUK

Het bijzondere van deze kerk was, dat zij het tweede bedehuis in Rotterdam was, dat speciaal voor de protestantse eredienst gebouwd werd. Dit typische kerkgebouw had een vierkant als grondvorm en was van baksteen opgetrokken. In de voorgevel, die gedeeltelijk van natuursteen was, waren twee ingangen, waarboven te lezen stond "Scots Church".
De Schotse Kerk aan het Vasteland hoek Herderstraat in 1697

Tussen deze beide toegangsdeuren waren, evenals in de zijgevels, twee grote ramen met rondbogen. Boven deze ramen was een ornamentale gebeeldhouwde gevelversiering aangebracht, bestaande uit zes wapenschilden van de "burgemeesteren en fabryckmeesteren", die omgeven waren door krul- en bladvormen. In het hart ervan bevond zich een roosvenster .
In het midden van het kerkdak, waarvan de verschillende delen op bijzondere wijze in elkander overgingen, verhief zich een mooi achtkantig koepeltorentje dat bekroond was door een smeedijzeren finale met windvaan.


EENVOUDIG INTERIEUR

Het interieur van de kerk was eenvoudig en geheel in overeenstemming met het uiterlijk. De geestelijke nakomelingen van John Knox, de grote Schotse kerkhervormer, vermeden in hun bedehuizen alle weelde en opschik. De sobere stijl werd enigszins onderbroken door de prachtige grote gebrandschilderde ramen met voorstellingen ter nagedachtenis aan de Schotse Presbyterianen die in de 17e eeuw in Holland een tehuis en bescherming vonden. Het kerkmeubilair bestond uit banken, enige regerings- en kerkeraadsbanken, een podiumhek en een donker eiken vierkante gebeeldhouwde preekstoel met acht-kantig klankbord. Deze mooie kansel werd vervaardigd door Sander de Bruyn. In één der hoeken van de kerk stond nog een andere oude kansel. Deze was afkomstig van het in 1911 gesloopte "Schotse Kerkje" (oorspronkelijk de St. Sebastiaankapel) aan de Meent, waar de Schotse gemeente in vroeger tijden had gekerkt. Deze kansel was een geschenk van de Hervormde Gemeente van Rotterdam-Centrum, welke eigenaar was van dit kleine kerkje. De verlichting bestond uit drie matwit geverfde ijzeren kronen met elk 121ichtpunten, 4 wandarmaturen en enkele gewone hanglampen. Aan de wand achter de kansel en het orgel hingen fraaie geschilderde tekstborden. Zoals in vele kerken gebruikelijk is, vond men ook hier in de consistorie de portretten van de predikanten die in de loop der jaren de Schotse gemeente hebben gediend. Al deze voorwerpen van historische waarde gingen helaas met de kerk verloren bij de brand van 1940.

Interieur met kansel en orgel van de Schotse Kerk
ENGELS ORGEL

Het orgel was veel jonger dan de kerk. Het dateerde van 1895 en werd geplaatst ter vervanging van een klein harmonium. Vroeger vonden de Schotten het gebruik van een orgel in de eredienst overbodig; zij waren zelfs tegen instrumentale muziek in hun kerk. Het orgel stond achter de kansel op een gedeelte van het grote podium dat 1.20 m hoog was en een oppervlakte had van 10 X 3 m; het orgel besloeg een ruimte van 3 X 2 m en had zijn speeltafel aan de voorzijde. De overige ruimte van het podium was bestemd voor het zangkoor. De betimmering van het orgelfront was in gevernist Amerikaans grenenhout uitgevoerd. Op een gesloten, uit panelen bestaande, twee meter hoge onderbouw -door lijstwerk gescheiden -was het bovengedeelte opgetrokken. Het orgelfront bestond uit drie vakken, waarvan het middelste vak hoger was dan de beide zijvakken. Deze waren afgedekt door overstekende lijsten, die op de hoeken van ronde houten vaasjes waren voorzien. Achter de houten vakken stonden de orgelpijpen opgesteld, waarvan de middelste groep staande op een versierd fronton, het hoogste opging, terwijl de zijkanten door vierkante houten pijpen werden gesloten. Het orgel werd gebouwd door de firma Bevington and Sons te Londen, gevestigd sedert 1794. Op zondag 7 juli 1895 werd het orgel in een morgen- en een avonddienst officieel in gebruik genomen. Het eerste concert werd gegeven op maandag 8 juli 1895 door de organist I. B. Lawson van Adrossan in Schotland, die bij de bouw van het instrument belangrijke diensten had bewezen. Het orgel had twee klavieren en een vrij pedaal, 10 sprekende stemmen en 566 pijpen. De klavieren liepen van C-g"' en het pedaal van c-f'. In 1938 werd het orgel door de firma G. van Leeuwen en Zoon te Leiderdorp gerestaureerd, waarbij het mechaniek werd hersteld en het pijpwerk opnieuw geïntoneerd en gestemd.
Tot 1940 werd het orgel bespeeld door de heer C. van Ballegooyen. Voorheen waren als organist aan de kerk verbonden: J. G. van Herwaarden, J. H. Besselaar jr., A. Krul, Ferdinand Timmermans en A. J. Boogaerdt 't Hooft.
In de plaats van deze kerk verrees volgens het plan van de architect ir. M. C. A. Meischke te Rotterdam in de jaren 1951-1952 de Nieuwe Schotse Kerk aan de Schiedamse Vest.
Rotterdam toen en nu