Graanpakhuis.....
Graanpakhuis "De Eersteling" aan de Rijnhaven, gebouwd 1899......

Het graanpakhuis "De Eersteling" op de hoek Rijnhaven O.Z. en Hillelaan werd gebouwd in 1899. Eigenaar c.q. opdrachtgever was de vennootschap "Het Nederlandsche Veem", later Pakhuismeesteren / Pakhoed. Het pand werd omstreeks 1950 ingrijpend verbouwd en gemoderniseerd, waarbij de buitenwanden volkomen vernieuwd werden.

Op bovenstaande foto, uit omstreeks 1900, zien we voor het pakhuis een typische sleperswagen, bespannen met twee paarden. Let op de kleine wielen, bedoeld om de vlakke laadvloer zo laag mogelijk bij de grond te houden. De laadhoogte was geheel afgestemd op de menselijke maat. Vooral in de binnenhavens werden immers vrijwel alle goederen met mankracht uit de scheepsruimen gelost en op de sleperswagens geplaatst.

De kleine wielen gaven op de kinderhoofdjes van de Rotterdamse bestrating een uiterst onaangenaam rij-karakter. Het weerhield kinderen noch volwassenen van het meeliften. Alleen de zweep van de voerman kon ze er (eventjes) van afjagen.

Heb je trouwens daar recht achter de paardekonten die telefoonmast zien staan?

Deze foto is uit 1913 en hij toont ons de tegenoverliggende zijde van het pakhuis (met andere woorden, de naar de Rijnhaven gekeerde zijde) in de oorspronkelijke bouw. Let eens op de neerklapbare (houten) bordesjes bij de toegangsdeuren op de verschillende verdiepingen. Voor het pakhuis staat op de kade een vast opgestelde, electrisch gedreven graanelevator. Deze werkt mechanisch. Aan de giek hangt verticaal een eindloze bakjesketting, die het graan uit de scheepsruimen schept en opvoert. De giek staat hier volledig opgetrokken, zodat een nieuw - te lossen - schip aan de kade gebracht kan worden. Ligt dat op z'n plaats, dan wordt de giek gevierd tot de bakjesketting recht boven het ruim hangt, waarna de ketting wordt afgelaten tot de gewenste diepte in het ruim. Uit de bakjesketting glijdt het graan op een horizontale transportband. Van hieraf kan het los in de onder de elevator opgestelde spoorwagons worden gestort; of doorgevoerd worden, het pakhuis in, voor opslag. Waarschijnlijk werd het dan aan het eind van de transportband, op de bordessen, ingezakt (in zakken gestort). De hele elevator kan in hoogte versteld worden, zodat verschillende verdiepingen van het pakhuis bediend kunnen worden. Let tenslotte eens op de binnenschepen - alle zeilschepen - en op de spoortrein - een typische rangeer-tenderloco.

Deze foto is gemaakt kort na de ingrijpende verbouwing van "De Eersteling" in 1950. Zoals we al zeiden, zijn de buitenmuren geheel opnieuw opgemetseld. Alleen het oorspronkelijk skelet werd hergebruikt. We zien in de foto opnieuw de naar de Rijnhaven gekeerde zijde. Die is nu voorzien van grote stalen laaddeuren. Deze deuren gaan niet naar opzij open, ze konden naar beneden worden geklapt en deden dan gelijk dienst als buiten het gebouw uitstekend begaanbaar laadbordes.

Na voltooiing van de verbouwing werd het beeld "De Zakkendrager" aan de gevel gehangen, op de hoek rechtsachter in bovenstaande foto.

Inmiddels is, als onderdeel van het ambitieuze project "Kop van Zuid", het pakhuis "De Eersteling" geheel met de grond gelijk gemaakt. Ook de andere pakhuizen die tussen Rijnhaven en Spoorweghaven stonden zijn gesloopt.

Gelukkig is er nog een klein memento bewaard gebleven. Het beeld "De Zakkendrager" is overgebracht naar het Industrieterrein Waalhaven Z.Z., daar hangt het nu aan het voormalige pand van General Motors (voor Rotterdammers: Spoormaker Opel). Dit gebouw staat aan het Parmentierplein en is na het vertrek van G.M. eigendom van Handelsveem. Tussen haakjes - de straatnamen op dit industrieterrein verwijzen alle naar beroemde Nederlandse luchtvaartpioniers. Terecht. Per slot van rekening was dit voor de oorlog Vliegveld Waalhaven - Nederlands eerste burgervliegveld.

Rotterdam toen en nu