A. de Hoop vanaf  1892.........

A. de Hoop - Indexpagina

Opnieuw beginnen ( 1945-1950)
Het eerste dat de ruim 200 werknemers in 1945 te doen stond, was dan ook het opruimen van de glasscherven. Nu kwam de opgesla- gen en heelhuids door de oorlog gekomen reserve-voorraad glas goed van pas. De Hoop kon in die dagen met een gerust hart het eerste bedrijf in Rotterdam worden genoemd, dat volledig glasdicht de winter van 1945 inging. Een jaar later werd de fabriek zonder enig ceremonieel in gebruik genomen.

Scheiding

In 1946 kwam de lang als noodzakelijk aangevoelde scheiding tus- sen de werkplaats en de installatie-afdeling tot stand. Waren beider werkzaamheden in den beginne zo zeer vervlochten dat men moeilijk van twee afdelingen kon spreken, vr de oorlog reeds dreven de ontwikkelingen hen op natuurlijke wijze uiteen. Dit kreeg in het eerste volledige jaar van de herwonnen vrijheid zijn beslag.

Scheepsreparatie

Tegelijkertijd zag ook een op zichzelf staande scheepsreparatie-afdeling het levenslicht. Alle activiteiten concentreerden zich nu rond het bedrijf aan de Willingestraat. De panden in de oude binnenstad werden verlaten, met uitzondering van enkele kleinere opslagplaatsen en een filiaal van waaruit men nog kleine installatiewerkzaamheden en reparaties in het stadscentrum bleef verrichten. Werk was er in overvloed. En van de eerste klanten in de sector van de scheepsinstallaties was de werf van P. Smit Jr. Daar was vlak voor het uitbreken van de oorlog een nieuw schip voor de Kon. Rotterdamsche Lloyd in aanbouw geweest. Al het elektrotechnisch materiaal voor dit werk bleek bij onderduikadressen de vijf duistere jaren goed doorstaan te hebben. Daar de werf zelf en zijn onderaannemers op eenzelfde wijze over de benodigde materialen hadden gewaakt, kon het nieuwe schip in record-tijd worden afgebouwd.

De fabriek zelfstandig

De nu zelfstandige fabriek draaide eveneens op volle toeren. Na de bevrijding waren er 50 man werkzaam, verdeeld over de afdelingen wikkelarij, bankwerkerij, smederij, draaierij, spuiterij en accu-werkplaats. Maar in 1947 was dit aantal al gestegen tot 110 personeelsleden en 2 jaar later tot 225. Gesteund door een bescheiden tekenkamer van vijf man begon de fabriek aan de productie van slingerruiten, drukknopstarters en met het opknappen van door oorlogshandelingen beschadigde schakelborden en motoren. Een goede klant had men in die eerste jaren na de bevrijding aan de Nederlandse Spoorwegen, maar even welkom waren ook de kleinste opdrachtgevers. Pas in 1947 kon men in de fabriek gaan spreken van een geregelde produktie. Daartoe werd een afdeling werkvoorbereiding in het leven geroepen, die voorlopig een bezetting van vier man telde. Grote series schakelborden en -kasten werden in deze periode vervaardigd, terwijl ook de productie van aanzetapparatuur en schakelaars ter hand werd genomen.

Een dergelijke activiteit - de geschiedenis herhaalt zich toch altijd weer - kon tot niets anders leiden dan een zoveelste uitbreiding. De administratie begon na de oorlog uit te groeien tot een modern beheersapparaat. Er kwam een betere scheiding tussen de diverse . administratieve werkzaamheden, de voorraadadministratie kwam op gang, de eerste boekhoudmachines werden aangeschaft.

De uitbreiding van fabriek 2

In 1948 was het zover. Via een personeelssterkte van 550 man in 1946 was A. de Hoop N.V. gegroeid naar een bezetting van 1000 werknemers. De fabriek was weer eens uit zijn jasje gegroeid. Een oplossing voor de ruimtenood werd gevonden in de bouw van het bedrijfsgedeelte dat later in de wandeling "fabriek 2" zou heten.

Het werd in 1949 onder grote belangstelling en in aanwezigheid van de toenmalige direkteur-generaal van de Arbeid, dr. Winsemius, in gebruik genomen. De gehele productie van schakelborden en -kasten werd naar dit nieuwe bedrijfsgedeelte overgeplaatst.

Directie en (gedeelte) personeel op 11 juni 1949

Feest

Een dubbele aanleiding tot feestvieren gaf in 1949 het feit dat de heer L.B. de Hoop 25 jaar aan het bedrijf was verbonden, en het uitgestelde 50-jarig bedrijfsjubileum. Hoewel het er aanvankelijk op leek dat de dubbele jubileumviering zonder enige ophef voorbij zou gaan, liep het toch uit op een geslaagd festijn.

Reparatie schepen

Na de bevrijding was Nederland begonnen aan de opbouw van zijn economie en A. de Hoop N .V. leverde daarin een goed aandeel. Reeds vr 1950 keerde ook de activiteit in de scheepvaart terug. Daarvr had het bedrijf zich slechts wat orders kunnen verwerven van een paar Rotterdamse rederijen. Het werk betrof voornamelijk de reparatie van installaties uit gezonken dan wel uitgebrande schepen. Toen begonnen zich ook de scheepswerven weer te roeren. A. de Hoop vond een springplank naar die werven en hun activiteiten in de T-2 tanker, een type schip dat uit de oorlogsjaren dateerde en voorzien was van een elektrische voortstuwingsinstallatie.

A. de Hoop - Indexpagina

Rotterdam toen en nu